Twee jaar geleden begon ik te beeldbellen met André. André is weduwnaar en zit in een rolwagen. Hij is goed omringd met thuishulp maar zijn zonen wonen verderop en kunnen niet elke dag langskomen.
André heeft het vooral moeilijk in de namiddag: die duren zo lang, zonder dat er eens iemand langskomt, zonder dat er iets ‘deftig’ op TV te zien is,… Daarom schreven zijn zonen hem in voor het Bellissimo-project. Ik ging bij André op kennismakingsbezoek, het klikte direct.
Nu bel ik om de drie dagen in de namiddag naar André, we babbelen over vanalles. Het plezante is ook dat we elkaar kunnen zien op het beeldschermpje van onze telefoon. Ik merk het direct als hij een nieuw hemd aan heeft. Onze telefoontjes doen hem maar vooral ook mij deugd.
Christiane, 61 jaar
In 2005 werd ik ziek en opnieuw gaan werken zit er voorlopig niet meer in. Toch wou ik ‘iets doen’, maar ik kan moeilijk lang het huis verlaten.
Ik las in Visie een artikel over ‘Bellissimo’: ze zochten vrijwilligers om telefonische contacten op te bouwen met ouderen die nood hebben een luisterend oor.
Dat leek direct iets voor mij. Ik ben nu al meer dan een jaar met Frieda aan het bellen. Ze is toch altijd zo blij als ze mijn stem hoort. Op deze manier kan ik, van thuis uit, toch ook iets betekenen voor de maatschappij.
Inge, 42 jaar
Vorig jaar ging ik met brugpensioen. Eindelijk meer tijd voor de kleinkinderen, mezelf en het huishouden. Een hele verademing. Op donderdagvoormiddag had ik nog wat vrije tijd over en wou ik eigenlijk ‘iets doen voor een ander’.
Nu vertrek ik elke donderdag naar de stad. Tussen 9 en 12u beman ik de Bellissimo-telefooncentrale en neem ik contact op met 2 à 3 oudere personen die nood hebben aan een babbel of een geheugensteuntje. Zo herinner ik hen er bijvoorbeeld aan dat die dag de poetsvrouw langs komt.
Je haalt daar zoveel voldoening uit en ik besef nu pas in wat voor een luxepositie ik mij op dit moment bevind. Na het bellen, trek ik in de namiddag nog even de stad in voor een aantal boodschapjes.
Carine, 56 jaar